Julia juicht – maar is klaar met de verkeerssituatie rondom de HvA

3 mei 2023
Beeld:

Daniël Rommens | Julia Kroonen

Geplaatst door
Julia Kroonen
Op
3 mei 2023

Vanuit Noord-Brabant gaat Julia Kroonen (22) voor het vierde jaar naar de HvA om te studeren. Terug naar de grote stad, na een lange tijd achter de laptop in haar slaapkamer; Julia schrijft het allemaal op. Deze week heeft ze genoeg van dat vermaledijde kruispunt bij het BPH.

Komt er weer een hoor, zucht ik geïrriteerd. Ik breng het er hier altijd maar nét levend vanaf en toch lijkt het niemand iets te interesseren. Al minimaal vier jaar gaat het zo, boos kijken heeft het probleem niet opgelost. Er moest een confrontatie plaatsvinden. Desnoods met gevaar voor eigen leven.

 

Het is denk ik een van de meest chaotische punten rondom de Amstelcampus: de oversteekplaats van metrostation Weesperplein naar het Benno Premselahuis. Op dit zebrapad heb je altijd maar de helft aan ruimte om over te steken, want op de andere helft staat een auto die er nog even vlug voor wil schieten.

Het moest eens klaar zijn met asocialen op de weg, en dus stapte ik met gevaar voor eigen leven het zebrapad op

Tijdens deze vier jaar studeren is het daarom zowat normaal geworden dat auto en voetganger hier bijna botsen. Toen ik vandaag metrostation Weesperplein uitliep, verwachtte ik dan ook niets anders dan dat ik weer voorrang moest geven om maar niet van mijn sokken te worden gereden.

 

Dat bleek een terechte voorspelling en dus stond mijn gezicht weer op onweer. De frustratie werd erger toen ik zag dat de bestuurder een taxichauffeur was. Zelfs iemand die heel de dag niets anders doet dan autorijden trekt zich blijkbaar niks van de verkeersregels aan. Het moest maar eens klaar zijn met zulke asocialen op de weg, dacht ik. Ik besloot de confrontatie aan te gaan. Met gevaar voor eigen leven stapte ik het zebrapad op. Want ík had voorrang en die mocht ik pakken ook.

 

Gierende banden en een windvlaag. De bumper die dichterbij kwam. Ik kneep mijn ogen dicht. Een klein stemmetje in mijn hoofd piepte: ‘dit was een gigantische fout’, maar ik vertrouwde op mijn instinct. Dat bleek gelukkig te kloppen: de taxichauffeur raakte me met geen haar, hij was net op tijd gestopt.

 

Ik glimlachte trots. Mij kregen ze er niet onder! Een euforisch gevoel ging door me heen. Zouden de andere auto’s het ook gezien hebben? Ik, voetganger, pikte deze situatie niet meer! Helaas, al snel sloegen de emoties weer om. De boodschap bleek totaal niet bij de taxichauffeur te zijn aangekomen. In plaats van een spijtbetuiging te geven, kleurde zijn gezicht rood van woede. De ader op zijn kale hoofd sprong er zowat uit en zijn ogen spoten vuur.

 

Het scheldalfabet kwam in alle talen van a tot z voorbij. Vertwijfeld stond ik aan de overkant. Ik had helemaal niets fout gedaan! Was het zo erg gesteld met zijn kennis over verkeersregels? Verbluft stak ik mijn middelvinger op en liep ik door. Later drong mijn gedrag pas tot me door: ik had mezelf voor een auto gegooid, stel je voor wat er had kunnen gebeuren.

 

De verkeersveiligheid is echter niet alleen maar mijn verantwoordelijkheid. Ik denk dat er maar één manier is om de waanzin rondom dit kruispunt te stoppen en dat is toezicht van de gemeente Amsterdam. Opgefokte automobilisten horen sowieso niet achter het stuur te zitten en dit is hét kruispunt waar ze beboet kunnen worden. Pak ze, gemeente Amsterdam! Hoe mooi zou het zijn als ik net voor mijn afstuderen eens zonder zorgen kan oversteken?